Een bevallig eindelijk!

Het is zover! Straks wordt je kindje geboren. Bij aankomst in het ziekenhuis zal je eerst aan een paar onderzoeken worden onderworpen om de ligging en het welzijn van je baby, jouw conditie en de mate van ontsluiting na te gaan. Als de arbeid echt is begonnen, zal je naar de arbeids- of verloskamer worden gebracht. Beval je thuis, dan zal je door de vroedvrouw en de kraamverzorgster worden omringd.

Mama: stap voor stap

Een prikje?

Meestal heb je al eerder een geboorteplan opgesteld. Kies je voor zo natuurlijk mogelijk of kun je een beetje hulp gebruiken? Kies je voor een ruggenprik of epidurale verdoving, dan zal je een infuus met vocht in je onderarm krijgen. Dit is nodig om een plotse daling van je bloeddruk te verhinderen. Ook al heb je nog niet meteen beslist een epidurale pijnbestrijding te krijgen, je kunt tot ongeveer een uurtje voor de bevalling alsnog hiervoor kiezen.

Ontsluiting duurt het langst

De ontsluiting verloopt erg geleidelijk. Voor 1 cm heb je gemiddeld een uur arbeid nodig. Heb je al een kindje gehad, dan kan dit sneller gaan. Als de baarmoedermond ongeveer 10 cm geopend is, is de ontsluiting volledig en kan het hoofdje van je kindje erdoor. Vanaf dan mag je beginnen te persen, ook al krijg je eerder de persdrang. Is de ontsluiting niet volledig, dan kan bij het persen de baarmoedermond opzwellen en blijft de volledige ontsluiting nog langer uit.

Persen mag je ook alleen maar doen telkens er een wee is. Sommige vrouwen durven dan weer niet aan een perswee toegeven, uit angst om ook wat ontlasting uit te drijven. Dit is begrijpelijk, maar onmogelijk om tegen te houden. Een lavement voor de bevalling kan dat wel wat ondervangen. Soms kan een inknipping van de darm de geboorte en een inscheuring voorkomen.

Hoe groeit mijn baby?

Hij schroeft er zich uit

Na een tijdje persen verschijnt er in je vagina een donkere, natte welving die bij elke wee wat groter wordt. Het is het achterhoofdje van je baby. Daarna volgen het voorhoofdje, neusje en kin. Om geboren te worden maakt hij een schroefvormige beweging. Eens zijn hoofdje is geboren, draait hij iets terug zodat zijn schoudertjes in de gemakkelijkste stand komen. Dat is de uitwendige spildraai. De rest van zijn lichaampje volgt daarna meestal vlot.

Het afscheid

Als je kindje geboren is, wordt zijn navelstreng afgeknipt. Van dit afnavelen voelen noch jij, noch je baby iets. Op de navelstreng worden 2 klemmen gezet, waartussen die wordt doorgeknipt. De vader mag dit gerust doen. Zo'n 5 tot 10 minuten na de bevalling heeft je baarmoeder zich samengebald.

Deze samentrekking of nageboortewee bevordert het loskomen van de placenta. Meestal moet je dan even zacht meepersen om de nageboorte uit te drijven. Het kan gebeuren dat je na de bevalling begint te bibberen tot zelfs klappertanden toe. Maar dat ben je snel vergeten als je dat kleintje van 3,5 kg en zo'n 50 cm lang in je armen houdt.

Dit is een standaardscenario. Soms wordt de geboorte tijdens de bevalling bespoedigd. Dit gebeurt dan met een vacuŁmpomp of met een verlostang. Ook als je kindje in stuit ligt, is een standaardbevalling niet mogelijk. Zo zal de volledige ontsluiting iets langer duren, omdat een stuitje minder goed dan een hoofdje op de baarmoedermond kan stimuleren open te gaan. Als de vruchtvliezen breken, kan de navelstreng in de schede uitzakken en door het stuitje worden afgekneld. Als een gewone bevalling onmogelijk is of wordt, is een keizersnede het laatste redmiddel.